Arthur IJzerdraat

De outsider kunstenaar Arthur IJzerdraat werd geboren in het Amsterdamse district Oostelijke Eilanden. Hij was de kleinzoon van Bernard IJzerdraat die samen met 17 anderen in 1941 werd geëxecuteerd vanwege verzetsactiviteiten tegen de nazi’s. De Nederlandse schrijver Jan Campert schreef een beroemd gedicht over deze gebeurtenis met als titel “Het lied van de 18 doden”.

Nadat Arthur in 1957 geboren was vertrok zijn vader Walter als goudzoeker naar de ijzige sneeuwvelden van Klondike nabij de grens met Alaska. Zijn vrouw Tinie en de jonge Arthur volgden kort daarna om in een klein houten huisje in the middle of nowhere te gaan wonen. Vader Walter bleef soms maanden weg. Na een paar jaar vluchtten Tinie en Arthur terug naar hun voormalige buurt in Amsterdam. Ze waren beiden psychisch beschadigd.

 Arthur had de kenmerken van een goed functionerende autist, wat in latere jaren bekend werd als het syndroom van Asperger. Zijn verbale communicatie was beperkt tot een bijna absoluut minimum, maar hij was erg intelligent en leergierig. Na de basisschool werd hij op het vermaarde Barlaeus gymnasium geplaatst dat hij enige jaren later verliet om dat hij zeer kritisch was over het lesmateriaal en omdat hij vreselijk gepest werd door zijn klasgenoten met kwalificaties als ‘Paaseiland kop’.

In zijn adolescentie ontwikkelde hij een passie voor het vervaardigen van kleine tekeningen waarin zijn verbazingwekkende kennis van vreemde talen, natuurkunde, astronomie en milieu tot uiting kwam. Een ondergeschikt administratief baantje bij de Amsterdamse Openbare Bibliotheek eindigde in een debacle toen hij zijn manager voorstelde dat die de publicaties voortaan zelf maar zou nummeren.  

Hij woonde op een minuscuul bootje genaamd “Geen Gebrek” in de Wittenburgergracht (district Oostelijke Eilanden). Het ontbrak aan de meest elementaire voorzieningen zoals verwarming, stromend water en een deur. Arthur ging altijd gekleed in een lange regenjas en rubberen regenlaarzen. In plaats van sokken gebruikte hij plastic boterhamzakjes omdat die veel praktischer waren en voor verschillende doeleinden konden worden gebruikt.

In de tweede helft van de jaren zeventig werd Arthur een dagelijkse bezoeker van woonboot “De Witte Raaf” aan de Wittenburgergracht op een paar honderd meter afstand van zijn eigen bootje. Eigenaar Kees Hoekert was internationaal bekend geworden doordat hij – samen met Robert Jasper Grootveld (antirook-magiër en voormalig leider van de Provo-beweging) – de firma Lowlands Weed Company had opgericht. Honderden toeristen van over de hele wereld bezochten de Witte Raaf om hun verhalen over marihuana te horen, een kopje marihuana-thee te drinken en een stekje te kopen voor thuiskweek. De boot met wietplantage werd zelfs een halteplaats voor de rondvaartboten.

In 1974 werd De Witte Raaf gehuurd door de controversiële Servische filmregisseur Dusan Makavejev voor zijn film “Sweet Movie”. Hij transformeerde de boot in een prachtige psychodelische hippiestijl met een Indianenhoofd (Indjun) van 2 meter hoog op het voorplecht. Na afloop van de filmactiviteiten werd de boot een nucleus voor allerlei bijzondere personen en creatieve activiteiten. Grootveld bouwde er drijvende eilanden van afvalstoffen, die na enige jaren wilde tuinen werden met bomen van soms wel 6 meter hoog. Een van deze eilanden heette “De tand des tijds”. Er was een kleine vloot Westlandertjes, kleine platbodems die door bloemenkwekers waren gebruikt om hun producten naar de veilingen te vervoeren. Hoekerts partner Liva Luyat verbouwde er een tot een exotisch woonbootje waar ze hun zoon Hraban baarde. Er was ook een piepschuim vlot van 50 vierkante meter genaamd “Management I”. Het was gebouwd in opdracht van de Nationale Politieacademie voor de opleiding van 15 politieofficieren. Ondergetekende was opdrachtnemer en Grootveld maritiem adviseur. Het vlot was uitgerust met een mast om een soort Vikingzeil of een wigwamtent te hijsen.

Arthur raakte zeer geïnspireerd door deze nieuwe omgeving en de bijzondere activiteiten die er plaatsvonden. Te oordelen naar de aard van zijn artistieke producten heeft hij ze waarschijnlijk als een magische wereld ervaren. Hij startte een dagelijkse productie van tekeningen en collages van de Witte Raaf, indjun hoofden, marihuana planten, afvaleilanden, Westlandertjes, het vlot Management I, etc. Als in een film over Peter Pan in Neverland snelden deze objecten over de oceanen of vlogen in de lucht of de melkweg. Heteluchtballonnen, onbewoonde eilanden, haaien, Paaseiland beelden, Egyptische piramides, nucleair explosies en vervuiling maakten eveneens deel uit van deze magische wereld.

Hij zette zijn obsessieve dagelijkse tekenwerk voort tot een bitterkoude nacht in de winter van 2007, toen hij tengevolge van onderkoeling overleed aan boord van zijn bootje Geen Gebrek. Misschien herinnerde hij zich die nacht zijn vroege jeugdervaringen in de sneeuwvelden van Klondike. Hij werd begraven in een ongeverfde, handgemaakte kist die leek op die uit western films. Het deksel was beplakt met zijn eigen tekeningen.

MEER FOTO’S OP:

Instagramaccount Willem Otten

Woonboot ‘de witte raaf’ 1977.

Westlandertje in het heelal 198? Tekening 3,5 x 5,5 cm.

Woonboot ‘de witte raaf’ in het heelal 198? Tekening 3,5 x 5,5 cm.

Woonboot ‘de witte raaf’ in overstroomd Egypte. Tekening 8 x 13 cm.

‘Raft management 1’ op de oceaan 1983. Collage 16 x 23 cm.

Indianenhoofd in de woestijn. Tekening 5 x 8 cm.