Rein Dool

Zelfportret 1979. Olieverf op doek 90x80 cm. Foto door Willem Otten 1979

Rein Dool werd in 1933 geboren in een ‘nette’arbeiderswijk van Leiden, de oudste universiteitsstad van Nederland. Hij had een zeer dominante vader die het zware beroep van ijzervlechter uitoefende en hem gedurende zijn gehele jeugd op de huid zat met de eis om eveneens bouwvakker te worden. Bij de geboorte van Rein was zijn moeder – van wie hij altijd veel liefde ontving – reeds 40 jaar.

Zijn lagere schooltijd was geen succes. Hij haalde vrijwel over de gehele linie abominale resultaten en bleef drie maal zitten. Alleen de tekenlessen en schoolplaten als ‘Hollandse infanterie bij de brug over de Berezina in 1812’ hadden zijn intense belangstelling. Dool ontdekte dat hij in zijn tekeningen alles naar zijn hand kon zetten.

Vanaf de laatste jaren van zijn schooltijd frequenteerde hij de Leidse musea, die op zondag gratis toegankelijk waren. Het rijksmuseum van Volkenkunde en stedelijk museum De Lakenhal waren zijn favorieten. In het museum van Volkenkunde leerde hij de Japanse teken- en prentkunst kennen. In de Lakenhal maakte de beroemde triptiek ‘Het laatste oordeel’ van Lucas van Leyden (1527) en de schilderijen van Rembrandt, Jan Lievens en Jan van Goyen diepe indruk op hem. Vanaf 1946 begon hij te tekenen in de buitenlucht.

Bloemruiker 1969. Olieverf op doek 55×55 cm

Na de lagere school ging hij in 1946 als 14-jarige werken bij Fotolitho Inrichting Koningsveld & Zoon te Leiden dat met haar fotolithografie een voortrekkersrol invulde. Hij kreeg hier gedurende 4 jaren een voortreffelijke praktijkopleiding waarbij hij op zaterdag les kreeg op de Amsterdamsche Grafische school.

Toen hij in 1950 zijn diploma had gehaald nam hij ontslag bij Koningsveld en ging als fotolithograaf bij diverse bedrijven werken. In zijn vrije tijd maakte hij vrij werk. In 1958 won hij voor zijn aquarellen de landelijke prix d’honneur van het Willink van Collemfonds, een aanmoedigingsprijs voor jonge beeldend kunstenaars. Kort daarop werd zijn werk geëxposeerd in De Lakenhal.

Management consultant 1976. Krijttekening 46×54 cm

Om zich verder te bekwamen was hij van 1961 tot 1963 lid van het befaamde Leids schilder- en tekengenootschap Ars Aemulae Naturae (opgericht in 1694) waar hij op donderdagavonden de door Frederik Reitmann gegeven cursus modeltekenen volgde. Jaarlijks werden ledententoonstellingen georganiseerd.

Dankzij zijn artistieke verworvenheden en commercieel talent wist Dool zijn producten al spoedig goed aan de man te brengen. Een belangrijke afnemer van zijn tekeningen en aquarellen was de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed dat de kunstcollectie van het Rijk beheert. Via haar bruikleenservice kwamen veel van Dool’s producten terecht bij ambassades en consulaten over de gehele wereld. Een honderdtal van deze werken is momenteel opgenomen in de collecties van het Rijksmuseum Amsterdam.

Ir. Ernst Hijmans 1970. Olieverf op doek 100×110 cm

Veel van Dool’s werk  heeft een anekdotisch karakter. In een stijl die verwant is aan zijn artistieke evenknie Co Westerik, verbeeldt hij jeugdherinneringen en gebeurtenissen in zijn gezinsleven. Daarnaast zijn intermenselijke communicatie en sociaal isolement belangrijke kenmerken in zijn werk. Het onvermogen om elkaar werkelijk te bereiken weet hij op weergaloze wijze in beeld te brengen.

 

College van Curatoren Universiteit Leiden 1977. Olieverf op doek.

Collectie Universiteit Leiden

In de jaren ’70 kwam zijn talent voor portrettekenen en -schilderen tot volle ontplooïng en vervaardigde hij – in opdracht – schilderijen van ir. Ernst Hijmans (1970), het College van Bestuur van de Rijksuniversiteit van Leiden (1977), organisatie-adviesbureau Nederlandse Organisatie Kring (1978), een zelfportret (1979) en het College van Burgemeester en Wethouders van Dordrecht (1979). Het laatste schilderij was voorpaginanieuws in de landelijke persmedia.

Zieke man 1973. Olieverf op doek 80×90 cm

Van 1979 tot 1989 was hij docent lithografie en schilderen aan de Koninklijke Academie van Kunst en Vormgeving in Den Bosch. In die periode legde hij zich toe op lithograferen en aquarelleren. Hij ontwikkelde een gesimplificeerde directe stijl waarbij personen en gezichten veelal slechts met enkele golvende lijnen werden aangegeven en ogen met een stip. Deze schriftuur benutte hij ook voor de vervaardiging van plaatstalen sculpturen. In 1989 ontving hij voor zijn aquarellen de ‘Jeanne Oosting Prijs’.

In 1993 sloot hij zich aan bij het Europees Keramisch Werkcentrum in Oisterwijk waar hij de door hem ontwikkelde schriftuur op keramiek toepaste.

Rein Dool woont sinds 1977 in een schitterend Dordts grachtenpand en is in zijn 90e levensjaar nog dagelijks bezig met de vervaardiging van nieuwe werken. 

College van B&W van Dordrecht 1979. Olieverf op doek 166×196 cm

Hij heeft exposities gehad in het Dordrechts museum (1986, 1995 en 2012), de Gasunie te Groningen (1990), museum De Lakenhal (2003), het Teylers  museum te Haarlem (2007) en er volgen nog tentoonstellingen in het Dordrechts museum (vanaf december 2022) en het Musée Fondation Custodia te Parijs.

Zijn werk is opgenomen in de collecties van rijksmuseum Amsterdam, museum De Lakenhal, Dordrechts museum, Teylers museum, Literair museum Den Haag, Stichting Beeldende Kunst Amsterdam, de bedrijfscollecties van Gasunie en ABNAMRO en in particuliere collecties in binnen- en buitenland.

MEER FOTO’S OP INSTAGRAMACCOUNT WILLEM OTTEN (#doolwo en #reindool)